Selfkant route

 

Tussen Susteren en Sittard, geklemd in de  Limburgs taille, ligt een Duits gebied met een merkwaardige geschiedenis, Selfkant.

Selfkant is de meest westelijk gelegen gemeente van Duitsland. Het gebied vormt aldus bijna een enclave aan de oostgrens van Limburg.

Selfkant telt 10.245 inwoners. In 2008 bezat een kwart van de bevolking de Nederlandse nationaliteit. Door de bevolkingsdruk rond het aangrenzende Sittard en vanwege de hogere huizenprijzen in Nederlands vestigen veel Limburgers zich over de grens. In 2003 stelde een Nederlander zich zelfs kandidaat voor het ambt van burgemeester.

De naam Selfkant kan in de oren van Nederlandstaligen wat eigenaardig klinken vanwege gelijkenis met een woord in hun taal. De naam is echter afgeleid van het riviertje de Safel, of Saeffelerbach, die aan de noordkant dwars door dit gebied stroomt en bij Nieuwstadt in de Roode Beek uitmondt. De naam betekent dus niets anders dan Safelkant; hierbij is metathesis opgetreden (wisseling van plaats van medeklinkers).

De geschiedenis van de Selfkant is bijna vier eeuwen lang verbonden geweest met die van Sittard en Born, waarmee het tezamen een westelijk stukje Guliks territorium vormde, dat tot aan de Maas (bij Urmond) reikte. Het dialect van de Selfkant is vrijwel hetzelfde Limburgs als het Sittardse stadsdialect.

Na de Tweede Wereldoorlog is Selfkant op 23 april 1949 geannexeerd door Nederland als schadevergoeding voor de oorlog. De Duitse inwoners kregen een Nederlands paspoort met de speciale vermelding "wordt behandeld als Nederlander". In die tijd werd er veel geďnvesteerd in de nu Nederlandse Selfkant, onder andere in het bouwen van woningen en wegen. In die periode is ook de N274 aangelegd, die Roermond met Heerlen verbindt. Sinds 1 augustus 1963 hoort Selfkant weer bij Duitsland, na betaling van 280 miljoen Duitse mark. Ook na 1963 bleef de weg een smalle strook Nederlands grondgebied. De weg was voorzien van ongelijkvloerse kruisingen met Duitse wegen, zodat een paspoort op deze weg niet nodig was. Op 25 februari 2002 is de weg alsnog overgedragen aan Duitsland, en in de loop van 2004 zijn aansluitingen aangelegd met diverse wegen, onder andere met de B56 tussen Gangelt en Susterseel.

 

 

 Posterholt

 

Het dorp Posterholt is gelegen tegen de Duitse grens. Bijzonder is het kasteelachtige landhuis Aerwinkel, een fraai neogotisch bouwwerk van architect P. Cuypers. Aan de weg die vanuit Posterholt naar het Duitse plaatsje Karken leidt, ligt een zogenaamde Bolberg, een Middeleeuwse strekte. Het buitengebied van het dorp kenmerkt zich door landbouwgebieden afgewisseld met natuurgebieden zoals het Annendaalse bos en het Munnichsbos.

  

Maria-Hoop

De naam van de plaats Maria-Hoop is pas officieel sinds 1953. Voorheen werd dit aangeduid als Diergaarde. Het was het jachtgebied van de graven en latere hertogen van Gelder wanneer zij in hun kasteel te Montfort resideerden. De huidige naam Maria-Hoop heeft te maken met de vestiging van de paters Passionisten. Die stichtten hier in 1925 een klooster dat was toegewijd aan Maria der Heilige Hope.
Bij Maria-Hoop ligt een zeer interessante motte (kasteelheuvel) uit de 12e eeuw. Die wordt de Bollenberg genoemd.

 

 

Spaanshuisken

De kapel van Spaanshuisken is gewijd aan O.L. Vrouw van Altijddurende Bijstand. Dit kapelletje zou gebouwd zijn in 1859 voor inwoners van het naburige Duitse Saeffelen in een periode van beperking van godsdienstvrijheid, de zogenaamde Kulturkampf. Bij het overlijden van een ongehuwde in Spaanshuisken zouden nabestaanden iets aan het kapelletje hebben moeten schenken 


Brüggelchen
"Motte “Bolleberg”

Aan de Bollbergstrasse bevond  zich, op een aan het einde van 9de eeuw in een moerasgebied aangelegde  kunstmatige heuvel (Motte), een versterkt  boerderijcomplex. Deze versterking diende ter bescherming tegen de invallen van de Noormannen. Het gehele complex bestond  uit zowel een door een gracht omgeven burcht, die als vesting en ook als woning diende, als ook een terrein dat eveneens door een gracht omsingeld was waarop de landbouwgebouwen stonden.

  

Waldfeucht

 

Waldfeucht (D) ligt in de mooie regio “Der Selfkant”in het westen van het district Heinsberg direct aan de Nederlandse grens. Het dorp telt echter nauwelijks 10.000 inwoners.  Waldfeucht beschikt over  vele historische monumenten zoals bijvoorbeeld  een deel van de stadsmuur uit  de 13de eeuw, het kasteeltje, de parochiekerk en de windmolens, die tegenwoordig nog steeds in bedrijf zijn.

De in laat gotische bouwsteil gebouwde parochiekerk St. Lambertus is rond 1500 gebouwd met deels de brokstukken van de bij een stadsbrand verwoeste parochiekerk uit de 9de eeuw. Naast talrijke andere kunstwerken bezit de kerk vele houtsnijwerken afkomstig uit het atelier van de bekende Waldfeuchter beeldhouwer Görtz.

In de Lambertusstrasse staat een uit bakstenen opgetrokken kasteeltje uit  de 17de – 18de eeuw. Op die plaats stond vroeger in de 13de – 14de eeuw de burcht van de heren van Waldfeucht.  Die burcht vormde de noordpunt van de vroegere stadswal  en was omgeven door een gracht.

Als u buiten het centrum van Waldfeucht rijdt valt dadelijk op dat in deze regio de wind vroeger alsook in deze tijd een belangrijke rol speelde en nog altijd speelt. Oude, mooi gerestaureerde windmolens en vele moderne windturbines staan in schril contrast met elkaar en overheersen de streek. De windmolen aan de Kapellenstrasse in Wald-feucht  is in 1897 gebouwd. Hij werd er gebouwd ter vervanging van de in verval geraakt stadsmolen uit 1590.

 

 

 

terug naar routes